Pasen

Nalef succes-en-vertrouwen is niet zonder verontrusting, en fiasco evenmin zonder hoop. Dit hebben de eerste leerlingen van Jezus na veel ontgoocheling pijnlijk moeten leren. Het kostte hun moeite te geloven in hetgeen wij nu - wellicht te nonchalant - noemen: de kerkelijke Christus. Onbevangen hadden ze in een 'eerste naïveteit' vertrouwen gesteld in Jezus van Nazaret, die hun had gesproken over het volkomen Nieuwe dat hun wereld zou ver- anderen. Maar door Jezus' smade- lijke arrestatie en dood overviel hen ontgoocheling: illusievrees. 'We had- den gehoopt' (Lk. 24,21). Door paniek, twijfel en achterdocht moes- ten zij heen worstelen, alvorens 'in een tweede onschuld' te kunnen komen tot een beproefd geloof. Geloof, waarin zij ervoeren dat Jezus metterdaad te vertrouwen is: Hij bleek, zij het anders dan vroeger, toch werkelijk aanwezig 'in hun midden'. Zijn samenleven met hen was geen bedrog, noch had Hij zelf in een illusie geleefd.

Deze tweede onbevangenheid ervoeren zij als de vrucht van een goddelijke genade, die hen bevrijdde uit kleingelovige paniek, - als bekering en dus eigen werk van de verrezen Jezus. Jezus bracht hen tot elkaar terug uit hun paniekerige ver- strooiing; zijn verrijzenis verzamelde hen tot nieuw leven: 'gemeente van Christus', stuntelig maar oprecht begin van een samenleving van vrede.

E. Schillebeeckx in 'Evangelieverhalen'

altaartafel

Altaarmissaal

H. Hartbeeld

Het H. Hartbeeld in de kapel

kloostergang

Kloostergang